READY SET GO

EVG_Header_NRC_v02_M01.jpg
NikeDigital_RN_RSG_Feature_RunnerLingo_P1.jpg
SU16_RN_White.jpg

HARDLOOPTERMEN De hardlooptermen die je moet kennen. 1: SNELHEIDSRUN Een snelheidsrun is een run waarbij je meerdere korte periodes heel snel hardloopt. Je kunt dezelfde afstand en hetzelfde tempo aanhouden met dezelfde hersteltijd, of variëren in afstand, tempo en hersteltijd. Intervallen zijn de beste manier om je hoogste tempo te overtreffen. Een atletiekbaan is perfect voor dit type work-out, maar je kunt het vrijwel overal doen. Je kunt huizenblokken, verkeerslichten of zelfs bomen gebruiken als intervalmarkeringen. 2: DUURLOOP Een duurloop is een lange afstand op een comfortabel tempo. Dit is een belangrijk onderdeel van de training waarmee je lichaam en geest zich kunnen aanpassen aan grotere afstanden. Deze run moet je lopen als een progressierun (zie de definitie van progressierun). 3: HERSTELRUN Herstelruns beginnen met een langzamer tempo en eindigen met een sneller tempo. Ze verbeteren je uithoudingsvermogen en laten je lichaam wennen aan de impact van hardlopen. Als je niet bezig bent met een snelheids- of krachtwork-out, moet je proberen progressief te hardlopen. 4: PROGRESSIERUN Progressieruns zijn de runs op dagen tussen zware work-outs. Ze mogen niet uitdagend zijn, maar je moet wel progressief hardlopen (zie de definitie van progressierun). Herstelruns zijn net zo belangrijk als je zware work-outs. 5: FARTLEK Fartlek is het Zweedse woord voor 'snel spel'. Hiermee werk je aan snelheid en kracht door afstanden en tempo's af te wisselen tijdens één run. Dit is een voorbeeld van een fartlekwork-out: één minuut rustig hardlopen gevolgd door één minuut in hoog tempo hardlopen, en dat een aantal minuten of kilometers herhalen, of afwisselen per huizenblok. 6: TEMPO VOOR TEMPORUN Dit is het tempo waarop je lichaam leert comfortabel te zijn met niet-comfortabel zijn door een snel en gelijkmatig tempo vast te houden voor een specifieke afstand. 7: VERSNELLINGEN Dit zijn heel korte maar snelle periodes waarin je snelheid opbouwt zonder jezelf uit te putten. Het zijn geen volledige sprints, maar snelle en ontspannen runs. Tussen elke versnelling moet je genoeg hersteltijd incalculeren. Begin met twee of drie versnellingen na je run en verhoog geleidelijk het aantal. 8: OVERMATIGE PRONATIE Dit is wat er gebeurt als je hak op de grond neerkomt en je voet overmatig naar binnen toe rolt terwijl je afzet met je grote teen. 9: PR Een persoonlijk record: de snelste tijd over een willekeurige afstand van een bepaald persoon. 10: TEMPO Wanneer hardlopers het over tempo hebben, hebben ze het over de tijd die er nodig is om één kilometer af te leggen. Een tempo van 7 minuten komt neer op een run van 7 minuten per kilometer.

NikeDigital_RN_RSG_Feature_RunnerLingo_P2.jpg